Projecten

OPTImaL: Optimaliseren van de behandeling van vroeg stadium triple negatief borstcarcinoom met een hoog aantal tumorinfiltrerende lymfocyten

Biomedisch
Promotors:
Gil Awada (UZ Brussel)
Project Partners:
UZ Brussel
Ziekenhuis aan de Stroom vzw (ZAS)
Gasthuiszusters Antwerpen VZW
Ziekenhuis aan de Stroom vzw (ZAS)
UZ Leuven
UZ Gent
UZ Gent
Institut Jules Bordet - Université Libre de Bruxelles
UZ Brussel
Budget uitgereikt door Kom op tegen Kanker:
€514.600

Samenvatting

In de behandeling van patiënten met een vroeg stadium triple negatief borstcarcinoom (TNBC) verlaagt chemotherapie o.b.v. anthracyclines, cyclofosfamide, taxanen en carboplatinum (in combinatie met pembrolizunab voor stadium II-III TNBC) de kans op herval. Chemotherapie is echter geassocieerd met belangrijke korte- en langetermijnsbijwerkingen en een verminderde kwaliteit van leven. Bij de behandeling van stadium I TNBC is de meerwaarde van adjuvante chemotherapie minder goed onderbouwd: de meeste richtlijnen adviseren chemotherapie toe te dienen voor patiënten met een T1cN0 TNBC en chemotherapie te overwegen voor patiënten met een T1a/bN0 TNBC. Er zijn op dit ogenblik geen biomerkers die we kunnen gebruiken om de behandeling van een vroeg stadium TNBC (inclusief stadium I TNBC) te individualiseren noch zijn er biomerkers die in staat zijn te voorspellen welke patiënten met een vroeg stadium TNBC een uitstekende overleving hebben zonder chemotherapie.
Er zijn echter meer en meer gegevens die de prognostische rol van stromale tumorinfiltrerende lymfocyten (sTILs) onderbouwen. sTILs kunnen bepaald worden op een H&E weefselcoupe en kunnen worden gekwantificeerd als een percentage (sTIL score). Meerdere internationale retrospectieve analyses tonen aan dat een hoog aantal sTILs/hoge sTIL score geassocieerd is met een uitstekende overleving bij patiënten met een stadium I TNBC, met name ook bij patiënten die geen chemotherapie hebben gekregen.
Het doel van deze internationale, open-label, pragmatische, ‘patient-preference’ klinische studie is om bij vrouwelijke en mannelijke patiënten met een stadium I TNBC en een hoog aantal sTILs (>=50% voor patiënten >=40 jaar; >=75% voor patiënten 40 jaar) te onderzoeken of adjuvante chemotherapie veilig kan worden weggelaten, zonder dat dit de kans op herval van of overlijden door borstkanker verhoogt. In de studie ondergaan patiënten met een stadium I TNBC en een hoge sTIL score (bevestigd door een lokale en centrale patholoog) heelkunde en radiotherapie conform de geldende richtlijn. I.k.v. het patient-preference studiedesign kan de patiënt vervolgens opteren voor weglaten van chemotherapie waarna hij wordt opgevolgd (dit is de zogenaamde optimalisatiecohort waarin we onze studiehypothese willen onderzoeken, N=245) of kan de patiënt, als hij/zij dit verkiest, behandeld worden met adjuvante chemotherapie (controlecohort, N=maximaal 245). Het primaire eindpunt van de studie is de distant recurrence-free interval (DRFI) in de optimalisatiecohort. Opvolgen en evalueren van de kwaliteit van leven is een secundair eindpunt. We voorzien een studieduur van 8 jaar (4 jaar rekrutering, 4 jaar opvolging). Als de studieresultaten onze hypothese bevestigen, met name dat weglaten van chemotherapie de overleving van patiënten met een stadium I TNBC en een hoge sTIL score niet beïnvloedt, zal dit een beduidend aantal patiënten de acute en chronische nevenwerkingen van chemotherapie besparen. Hiermee verwachten we de internationale behandelingsrichtlijnen voor vroeg stadium TNBC te veranderen.